“De medaille ligt nog niet op het nachtkastje”, reageert ploegleider Thijs Rondhuis op de hoge verwachtingen die rusten op zijn wielerpupil Marianne Vos. De 20-jarige wielrenster was gisteren de blikvanger tijdens de presentatie van de DSB vrouwenwielerploeg voor komend seizoen. Voor kopvrouw Vos draait het jaar 2008 maar om één ding: de Olympische Spelen van Peking.
Door Twan Clarijs
In de perszaal van het DSB Stadion gaat alle aandacht uit naar Marianne Vos. Niet verrassend, want de Babyloniënbroeker heeft ondanks haar jeugdige leeftijd al twee wereldtitels op haar imponerende palmares staan. Bovendien is ze een kanshebber voor Olympisch eremetaal in Peking.
Van Vos is bekend dat ze een veelzijdig talent is op de fiets. In 2006 won ze bij de vrouwen zowel het WK op de weg als het WK veldrijden. Afgelopen seizoen pakte Vos bij een ‘trainingswedstrijd’ op de Olympische baan van Peking zomaar twee gouden medailles, het was haar debuut in een baanwedstrijd bovendien. De overwinningen verbreedde haar zicht, want naast de wegwedstrijd wil Vos deze zomer in China ook op de baan, op het onderdeel puntenkoers, strijden voor goud. “Er liggen daar kansen op een medaille, die wil ik grijpen”, zegt een gretige Vos.
Of Vos mee mag doen aan de puntenkoers is nog maar de vraag. Afgelopen weekend kon ze zich in Kopenhagen definitief plaatsen, maar dit mislukte. “Daar baalde ik wel van.” Om zich toch te plaatsen zal ze eind maart tijdens de wereldkampioenschappen baanwielrennen een hoge klassering moeten halen om zo kwalificatie voor dit onderdeel af te dwingen. “Maandag heb ik met de bondscoach de beslissing genomen om naar dit WK te gaan, ook al kost het wel weer mentale energie.”
Daarnaast denkt Vos nog na over deelname aan de individuele tijdrit. “Die knoop moet ik nog doorhakken. Mijn tijdrit is niet heel goed, dus die kan ik laten vallen om honderd procent voor de wegwedstrijd te gaan.”
De wegwedstrijd is dan ook het hoofddoel van Vos in Peking. Ondanks dat ze de afgelopen twee jaar tijdens het WK op dit onderdeel goud en seizoen zilver won, waarschuwt haar ploegleider dat winnen geen gemakkelijke opgave zal worden. Het parcours bestaat uit 26 kilometer bergop. “Dat is enorm zwaar voor een vrouwenwedstrijd”, zegt Rondhuis. “Ook voor Marianne. Ze heeft niet zomaar gewonnen. Er rijden betere klimmers in het peloton.”
Om toch een gooi naar de titel te doen, zal de voorbereiding van Vos dan ook vooral in het teken staan van klimmen. Dit seizoen zal ze vier trainingskampen in de bergen van Italië en Spanje afwerken.
Vos voelt de druk en de hoge verwachtingen wel, maar weet dat ze niet zomaar Olympisch kampioene is. “Ik ben geen robot, voor de buitenwereld lijkt het winnen vanzelfsprekend, maar ik moet er keihard voor werken.”
Geschreven: Februari 2008 voor Deadline